Ir. Aad Veenman,
president-directeur van de Nederlandse Spoorwegen,
schreef:

Gefeliciteerd1!

Soms gaan er dagen voorbij dat ik helemaal in beslag genomen word door financiën, concessies en punctualiteitscijfers. Allemaal belangrijk, zonder meer.
Maar toen ik laatst in de trein met een keurige dame in gesprek kwam, wist ik weer dat er veel meer is dat de trein zo'n prachtig vervoermiddel maakt. 'Weet u, meneer Veenman', zei ze, 'Ik kan me best een auto veroorloven, wel twee of drie zelfs. Maar ik kies bewust voor de trein, omdat ik weet dat ik dan een belangrijke bijdrage lever aan een beter milieu.'
Nee, ze droeg geen geitenwollen sokken en ook geen katoenen tasje van een onbespoten natuurwinkel. Ze zette me wel aan het denken. Ik wéét natuurlijk dat de trein een prima keuze is voor wie natuur en milieu een warm hart toedraagt. Maar weten u en alle andere vaste klanten dat ook? Net als deze mevrouw, bent u, als vaste klant, erg goed bezig.
Van alle vervoermiddelen veroorzaakt de trein per reizigerskilometer de minste uitstoot van CO2 (kooldioxide, een broeikasgas, dat zorgt voor klimaat-verandering met grote gevolgen voor alles wat op aarde leeft). De trein levert véél minder CO2, op dan vliegtuigen en auto's. Ook wat betreft de uitstoot van stikstofoxiden (schadelijk voor milieu en mens, vooral als u gevoelige luchtwegen heeft) doet de trein het uitstekend. Een ander voordeel: het spoor neemt veel minder ruimte in beslag dan een uitgebreid wegennet vol auto's. En files...
Natuurlijk: er blijft op alle fronten nog heel veel te verbeteren. Maar dit hebben we vast binnen! Mede namens deze mevrouw wil ik u hartelijk feliciteren met uw bijdrage aan een schonere wereld!

1) In SPOOR, het tijdschrift voor vaste klanten van NS, voorjaar 2006.




Commentaar:

Een keurige dame zette ir. Veenman aan het denken. Zo iets schokkends overkomt mij nu juist meestal bij minder keurige. Maar dat ter zijde.
Over verkeer en vervoer denk ik zelfs wel eens, als er geen dames in de buurt zijn, zie bv. (Asfalteer de spoorlijn! & Voorspoed en tegenspoed in het leven van Minister Stekelenstruik).
Privileges laten het openbaar vervoer de ruimte doorsnijden. Dat is erger dan ruimtebeslag. Snijden is veel effectiever om de ruimte onbruikbaar te maken en het vervoer te hinderen. Het ruimtebeslag van wegen valt nogal mee. Wij hebben zo'n 2500 km rijksweg, 6300 km provinciale weg en 110 000 km (!) gemeentelijke. (Aan dat laatste tornt niemand, want iedereen wil aan een straat wonen.) Samen beslaan de wegen ~ 1,5% van ons vaste land. Ir Waterman schat dat de knelpunten op de rijkswegen verdwijnen door over 400 km links en rechts een extra rijstrook aan te brengen. Dat is een verbreding van 7,2 m, d.w.z. in totaal 0,01% van het landoppervlak. Onbespoten actievoerders noemen dat 'het land asfalteren', om het kiezersvolk schrik aan te jagen. Hoeveel oppervlak beslaat het spoor? Het spoorwegemplacement van Utrecht CS zou, mits voorzien van vierverdiepingsparkeergarages, alleen al vrijwel de auto's van de hele provincie kunnen bevatten.
Dat de trein minder vervuilt, raad je de koekoek. Hij draagt minder dan een tiende bij aan het vervoer. Volgens het Statistisch zakboek 1997 is het aantal reiziger.km van de auto 74% van het totaal; het openbaar vervoer (bus+trein+tram+taxi+metro) 13,5%, lopen & fietsen 10% en de rest (brommer+rolstoel+...) < 0,5%. Ir. Veenman schrijft: 'per reiziger.km; hoe zit dat met lege treinen? Het ergst is de economie van het openbaar vervoer. Die is abominabel, totaal scheef gegroeid door ideologisch activisme. Dat is erg, omdat verspild geld niet voor nuttige dingen kan worden aangewend. Het autoverkeer levert het rijk jaarlijks 12,5 Giga€ op. Daarvan gaat 1,3 naar de rijkswegen, 4,0 naar het spoor en het overige regionale publieke vervoer en de rest naar de algemene middelen. Stikstofoxyden en andere narigheid komen voor een groot deel door files tengevolge van een tekort aan wegeninfrastructuur, vrije busbanen, wachten voor verkeerd afgestelde verkeerslichten en nog veel andere artificiële obstakels. Slechts 60 van de 500 gemeenten in ons land zijn redelijk per spoor te bedienen (woonkern niet meer dan 500 m van het station). Bij grotere loopafstand is de trein alleen, anders dan de auto, een onvoldoende voorziening.
Nee, meneer de president, het spoor is een zwaar gesubsidieerd, aardig ogend, relikwie uit vervlogen tijden, toen er nog kleine woonkernen op redelijke afstand van elkaar waren. De trein hindert het verkeer en vervoer. Hij verknipt de ruimte en hij zou op veel - niet op alle - plaatsen het veld moeten ruimen voor het veel flexibeler wegvervoer. Spoordijken en bovenleidingen benemen het gezicht op het landschap, ook als er geen trein overheen rijdt. Het spoor vergt peperdure spoorwegen en dito 'kunstwerken', waar het andere vebindingen doorsnijdt.
Ideologie is een slechte raadgever. Schermen met broeikasgas vervuilt het rationele klimaat. Het milieuargument van de keurige dame laat ik maar even rusten, al deugt dat ook niet.
Overigens, als ik 's nachts om 01.00 uur zonder auto van Zaandam naar huis moet, kan ik beter gaan lopen dan op de trein wachten.
De enige reden om de rails niet helemaal op te doeken is de toekomstige olieschaarste. Als we ons dan met nucleair opgewekte elektriciteit moeten redden, zijn trein en tram vermoedelijk weer nodig. Tot zo lang moet u dus maar zo goed mogelijk op de boel passen.

Nieuwegein,
2006 03 13.